Uit de oude doos

 

De naam Horna

De naam Horna is afkomstig van de oude naam van Hoorn.

Theodorus Velius - Horna Metropolis Westfrisiae - 1617

Theodorus Velius
Horna Metropolis Westfrisiae – 1617

Johannes Janssonius - Horna Vulga Hoorn - 1690

Detail kaart van Johannes Janssonius (1690)

 

De Horna staat in brand

De brand aan de Veemarkt
29 januari 1941

De winters van eind 1939 tot begin 1942, drie opeenvolgende jaren dus, waren bijzonder streng. Hoe het gekomen is, is nog een raadsel, maar op 29 januari 1941 brandde de biljartzaal geheel uit. Cor Karels aan het woord: ‘Ik herinner me nog hoe het bluswater in enorme ijspegels aan de zwartgeblakerde balken en kozijnen hing. Een troosteloos gezicht. Maar Horna en haar leden klaarden het karwei. Om te beginnen werden er weer twee tafels op de kop getikt en geplaatst in de showroom van de firma Leeuw en Vink. Gordijnen werden opgehangen en ‘s avonds dicht getrokken. er werd wel een partijtje minder gespeeld, maar Horna draaide weer en kon verder puin ruimen om haar uitgebrande zaal weer in orde te krijgen. Op 2 november 1941 was het zover en kon de zaal in gebruik worden genomen. De vereniging had weer de beschikking over vier biljarts, tweemaal 230 x 115 en tweemaal 220 x 110. Horna was als een Phoenix uit zijn as herrezen. Bij die gelegenheid van de heropening van de biljartzaal werd door de leden de grote tekening aangeboden, die ook nu nog onze biljartzaal siert. Op die tekening staan de vijf oudste leden van onze Horna in 1941.

Groote vuurzee te Hoorn

De voormalige kazerne in vlammen

Fantastisch schouwspel

Een brand, zoals Hoorn reeds in jaren niet heeft meegemaakt, heeft in de vroege ochtenduren van heden een groot deel van het complex der voormalige kazerne alhier in de asch gelegd. Het was tegen vijf uur, dat de luchtwacht op de Oosterkerk in de omgeving van de Veemarkt een rooden vuurgloed waarnam en direct de politie alarmeerde, welke – evenals de brandweer – spoedig ter plaatse was. Het vuur, dat vermoedelijk was ontstaan in de W.A.C.O.-garage, welke in een vleugel van gebouwencomplex is ondergebracht, had toen echter reeds zoo’n grooten omvang aangenomen, dat met de middelen, welke men voorloopig ter beschikking had, niet aan blusschen viel te denken. Weldra sloegen de vlammen uit het dak van het drie verdiepingen hooge pand, de omgeving in laaiende gloed zettend, terwijl een ware vonkenregen, welke door den oostenwind over een gedeelte van de stad werd gevoerd, het ergste deed vreezen. Toen wij ons te ruim half zes naar het terrein van den brand begaven, was de vuurgloed boven de huizen reeds van verre zichtbaar en eenmaal ter plaatse gearriveerd, overtuigde een enkele blik ons van den ernst van den toestand. Het vuur, dat zijn oorsprong had gevonden in ‘t oostelijk gedeelte van het hoofdgebouw, dat naar schatting wel een 30 meter lang is en 9 meter breed, vond in de W.A.C.O.-garage direct gretig voedsel.

Groot aantal auto’s verbrand

In deze garage namelijk waren verscheidene auto’s ondergebracht, welke niet meer uit de vuurzee waren te redden. Naar wij vernamen, bevonden zich in dit gedeelte van het gebouw vier luxe auto’s van de WACO, benevens twee vrachtauto’s, welke voor enkele dagen terug door den heer Post waren aangeschaft en die nog niet waren verzekerd. Verder stond hier de luxe auto van dr.Baesjou, welke mede een prooi der vlammen is geworden, evenals de luxe wagens van tandarts Stapel en van den heer Kuiper uit de Schoutenstraat, die zich in naast de kazerne gebouwde boxen bevonden. Er was geen tijd meer geweest om deze auto’s te redden: alleen die wagens, welke in de garage van den heer Ott stonden, aan de voorzijde van het gebouw, konden tijdig naar buiten worden gereden.

Moeilijke taak voor de brandweer

Inmiddels plaatste de vuurzee aan de achterzijde van het gebouw, mede door het zeer brandbare materiaal – er lag o.m. een groote voorraad houtblokken voor de gasgeneratoren van de autobussen opgeslagen – en aangewakkerd door den fellen wind, zich met groote snelheid voort en de Hoornsche brandweer, welke met volledig materiaal was uitgerukt, stond hier wel voor een zeer moeilijke taak, nog des te moeilijker, omdat door de felle vorst het bluschwater, dat nu van den verschillende zijden door de vlammenzee werd gespoten, al spoedig tot ijs werd. Ook de uniformen der brandweerlieden waren reeds spoedig met een ijslaag bedekt en dit maakte het werken er nu juist niet aangenamer en gemakkelijker op. Vooralsnog hadden de vlammen althans vrij spel en reeds een half uurtjena het ontdekken van den brand had het vuur zijn vernietigingswerk uitgebreid tot de lokalen van de afd. Hoorn van den Arbeiderssportbond, welke boven de garage waren gelegen en waarin zeer veel materiaal, vaak moeizaam verworven, aan de vlammen ten prijs viel. Het meest valt wel te betreuren, dat een viertal billards in de billardzaal verloren ging, omdan nog maar niet te spreken van de toneelrequisieten en ander bezittingen.

Daarbij komt nog, dat men ook van een onderdak is verstoken en dat het heel moeilijk zal zijn, ook al weet men weer eenig materiaal bijeen te brengen, om hierin te voorzien.

Gevaar voor uitbreiding

Reeds schreven wij. Welk een fantastischen aanblik dit machtige vuurwerk opleverde. Omwonenden waren in hun slaap gewekt door het knallen van de benzineblikken en dat was maar goed ook, want het gevaar voor uitbreiding was werkelijk niet denkbeeldig. Een regen van vonken woei over de huizen aan de Baanstraat, over hotel Soper en het daarnaast gelegen café van de wed. Groot.De brandweer, welke onder leiding stond van den opperbrandmeester Cramer, had al haar slangenmateriaal uitgelegd en aangesloten op de waterleiding, waardoor het kon gebeuren, dat het eenigen tijd duurde, voor en aleer de motorspuit water gaf. Hiervoor moest trouwens een brandbijt worden gehakt in den singel nabij de nieuwe telefooncentrale, dus op tamelijk grooten afstand van den brand, waarbij men met de aankoppeling van een nieuw gedeelte slang nog eenigen hinder ondervond. Toen echter de verbinding eenmaal tot stand was gekomen, gaf de spuit ook direct water en werd het vuur van alle zijden aangetast, waarbij de uitgeschoven Magfrosladder goede diensten bewees. Het had er echter allen schijn van, dat de vlammen niet meer in hun loop waren te stuiten en zeker zou men er machteloos tegenover hebben gestaan, zoo niet een stevige brandmuur, halverwege in het gebouw aangebracht, voor het vuur tijdelijk een onoverkomelijk beletsel vormde om verder door te dringen. Kon het echter niet door dezen muur, het kon er wel overheen en via het dak werd nu ook het westelijke gedeelte aangetast, doch deze handicap voor het vuur betekende tevens de overwinning voor de brandweer, want nu wist men den brand voor dit gedeelte tot den zolder en de bovenste verdieping te beperken. Omstreeks kwart voor zeven kon men zeggen, dat het gevaar voor uitbreiding was geweken, al laaiden de vlammen af en toe nog fel op. De omwonenden haalden weer iets ruimer adem en zienderoogen nam de brand af en kon men zich tot de nablusschen beperken. Toen het begon te dagen, was er van het groote pand niet veel meer over dan een troostelooze en uitgebrande ruïne, waaraan door de neerhangende ijspegels een sprookjesachtig cachet werd verleend. Wij vernemen, dat ook een aantal fietsen door het vuur is verteerd, benevens een partijtje kaas enz., door den heer Ruiter van de Turfhaven alhier opgeslagen. Het gebouw zelf was eigendom van den heer J. B. Post en was verzekerd. De totale schade kan nog moeilijk worden geraamd, doch is zeer belangrijk.Vermelden wij nog dat op het terrein van den brand o.m. aanwezig waren de Burgemeester van Hoorn, mr. H. C. Leemhorst en de heer Gorter, commissaris van de politie. De nieuwsgierigen werden door de politie op een afstand gehouden.

De oorzaak

Naar wij later van bevoegde zijde vernemen, is het geenszins zeker, dat het vuur in de W.A.C.O.-garage zou zijn aangekomen, want na den vorigen dag des middags vier uur heeft het personeel deze garage niet meer betreden. De lokalen van den Arbeiderssportbond, welke er hier vijf in gebruik had, n.l. een billard-, een gymnastiek- en een toneelzaal, benevens een bergplaats voor requisieten en nog een kleiner zaaltje, zijn eerst tegen ‘s avonds elf uur ontruimd, op welk tijdstip nog een kachel brandde, zoodat het niet uitgesloten moet worden geacht, dat hier de oorzaak is gelegen.Hoewel het waarschijnlijk aan critiek op de brandweer niet zal ontbreken, mag hier toch aan de leden van het corps wel een woord van hulde worden gebracht voor de wijze, waarop zij bij hun werk de koude hebben getrotseerd en trotseeren, want de nablussching zal nog geruimen tijd in beslag nemen.

Horna tijdens de bezetting ’40 – ’45

Mocht Horna door de brand al haar materiaal zijn kwijtgeraakt, het ledenbestand  was op hetzelfde peil gebleven. Met vereende krachten en onder de bezielende leiding van voorzitter Klaas Vis draaide de club weer spoedig volop. Zo bracht iemand een oude pathefoon binnen met een stel platen. Veel belangstelling was er niet voor dat ding maar er was een lid, Burger heette hij, die prompt na zijn binnenkomst al die platen ging afdraaien, tot vervelens toe. Ook een jaarlijkse uitwisseling met ‘de Vriendschap’ uit Wormerveer stond op het programma. Daar stond een fruitautomaat, een gokgeval waar je steeds maar munten in moest gooien. Hein Siderius, onze elektricien, stond de hele dag aan dat ding te rukken. En laat ie nou ook nog de jackpot eruit halen! Hij hield er die dag zowaar geld aan over. Zo moet er ook nog een ‘Piet Kelder-bokaal’ in onze prijzenkast staan. Kelder was de toenmalige voorzitter van Wormerveer. Zo langzamerhand werd de verzorging van het materiaal steeds moeilijker. Lakens moesten worden gekeerd en tenslotte konden alleen de banden nog worden vernieuwd. De avondklok betekende opnieuw een zware slag voor onze biljarters. Om acht uur moest iedereen binnen zijn, zodat er dus alleen nog op zondag kon worden gespeeld. Van een vrije zaterdag wao s toen immers nog geen sprake. Toch werd er wel nog wel eens een toernooi gespeeld, maar dat moest dan wel op de kerst-, paas- of pinksterdagen gebeuren. Ik herinner me nog een voorval uit die tijd. Arbiter Arie Nooy had er op een keer heel een erg in dat er tijdens een bepaalde partij met de verkeerde bal werd gespeeld. Daar de serie nogal uit de hand liep (18 of  19), zat Arie van Hinte, de tegenstander, niet erg rustig op zijn stoel. Toen hij aan de beurt kwam stoof hij op de arbiter af en brieste: ‘Zo Arie Nooy, vertel jij me nu maar eens met welke bal ik moet spelen!’. Toen kwam de aap uit de mouw, maar wedstrijdleider Jan Booy maakte er snel een eind aan: ‘Daar is niets meer aan te doen Arie van Hinte, je moet gewoon verder spelen met de gemerkte bal en die caramboles zijn gewoon geldig’. ‘Als dat hier zo gaat dan ga ik naar huis’, zie Arie en voegde de daad bij het woord en hij is nooit meer terug geweest. Op een zondagmorgen staat er een veldkeukenwagen op de binnenplaats aan de Veemarkt. Ik heb een bang vermoeden… En jawel, als ik de twee trappen naar boven ben geklauterd en de biljartzaal binnenga, zit het daar vol met Duitsers. Ze kijken niet eens naar me. Ze hebben onze zaak gewoon gekraakt, zoals het tegenwoordig heet. Wat moet ik? Ik loop maar naar het kastje waar de ballen steeds worden opgeborgen en probeer zo onopvallend mogelijk vier stellen ballen in mijn garbedy-regenjas weg te werken. Als dat voor elkaar is, waggel ik de trap weer af. Het biljarten is gebeurd, afgelopen… Na de bevrijding, de capitulatie van de Duitsers is nog maar net achter de rug, zoek ik mijn weg naar de biljartzaal. Op de overloop vind ik een grote plas urine en boven wordt het nog erger. De smeerlappen hebben blijkbaar niet de moeite genomen hun behoefte in het toilet onder aan de trap te doen, afgrijselijk. In de zaal is het een grote rotzooi. Geen glas, geen kop en schotel is er meer heel en de biljarts zien er vreselijk uit. Het verwondert me nog altijd dat er stoelen en tafels heel waren gebleven. Horna kon weer puin ruimen…

Uit het N.H.D. van mei 1995

 

De situatie direct na de oorlog

Uit het ‘verslag 1e ledenvergadering der Biljartgroep ‘Horna’ op Maandag 18 juni 1945′: Met besluit om drie avonden te biljarten. Op dinsdag-, woensdag-, en donderdagavond in een A-, B- en C-klasse met promotie en degradatie. In een bestuursvergadering enkele weken later worden de moyenne-grenzen vastgesteld: A van 2,50 en hoger; B van 1,50 – 2,50; C tot 1,50. Dat biljarten een ernstige zaak was en het peil belangrijk, wordt duidelijk als we verder lezen. In het verslag staat vervolgens letterlijk: ‘Voorzitter doet een beroep op de leden zicht strikt te houden aan de spelleider en ernstig oefenen’. Over de gebouwensituatie van toen citeren we het volgende: ‘De heer Vis zegt dat de zalen van heb clubgebouw vreselijk vervuild waren door de Duitschers. Een lijst van door goederen is opgemaakt en bij de betrokken instantie ingeleverd. Spreker heeft zich over de schoonmaak bij verschillende instanties vervoegd, doch, na veel toezeggingen, zonder resultaat. Na 3 weken in de maling te zijn genomen heeft zijn vrouw de schoonmaak maar weer verzorgd geassisteerd door de heer Vonk en ook Compas en hijzelf werkten mee. De overige leden deden niets. Ons materiaal is gelukkig behouden, al moesten wij sommige dingen van de Duitschers terug stelen. De moeilijkheden waren zwaar en veel, doch zijn we er nog en beginnen opnieuw en de ‘Horna’ zal groeien en bloeien als nooit tevoren. De heren Kuyn en Kooger brengen mevrouw Vis dank voor haar moeizaam werk en het bestuur voor het behouden van het materiaal. Daar verder niets meer ter tafel komt sluit de voorzitter met een woord van dank de vergadering te omstreeks 22:10 uur’.

Soorten biljarters

Het materiaal  na de oorlog liet te wensen over en was moeilijk te krijgen. We lezen zelfs dat het bestuur in het najaar va 1945 pogingen doet om lakens uit de U.S.A. te krijgen. Er wordt in 1946 op een vergadering gediscussieerd over de aanschaf van vier biljarts van 2.30 x 1.15. De gelden die daarvoor nodig zijn zullen van de leden moeten komen. Er zijn twee soorten biljarters zo lezen we: ‘de eerste groep bestaat uit spelers die hooger op willen; de tweede groep zijn de liefhebbers die hun clubavond zoo’n beetje beschouwen als een sociëteit. De voorzitter is van mening dat er meer gedaan moet worden voor de wedstrijdspelers n.l. door het instellen van een trainingsavond of ochtend. Tevens zal er voor de sociëteitsbiljarters wanneer die er tenminste interesse voor hebben ook wat gedaan worden’.

Aantallen

Over biljartinstructies was men kort: ‘Iemand die les wilde moest daar zelf maar voor zorgen’. Op bovenstaande ledenvergadering die plaatsvond op zaterdag 16 februari, was het de 2e voorzitter J. Vet die de vergadering opende en hij spreekt daarbij zijn leedwezen uit dat er niet meerdere leden op deze vergadering aanwezig zijn. Op de vergadering waren 30 leden aanwezig. Het ledenbestand bestond toen uit 48 leden.

Horna alleen

In het jaarverslag van 1950/51 lezen we dat de gymgroep ter ziele is, hetgeen betekent dat er van de sportvereniging Horna geen sprake meer is. De biljartpoot is er nog alleen over. Het ledenaantal daarvan mag niet boven de 110 komen zo besluit het bestuur. In februari was dat aantal 82, een maand later 87. Er wordt een vierde biljart aangeschaft, terwijl er maar f2000,- in kas is. Een aanvraag voor een verloting wordt door de minister afgewezen op grond van het feit dat het hier niet gaat om een culturele vereniging. Het bestuur stelt dan een vrijwillige bijdrage aan de kas voor., voor aflossing en rente. Hoe dat gaat lezen we in het volgende verslag: ‘De bijdrage door leden gaat vrij goed alhoewel er zich nog verschillende leden aan onttrekken die toch wel een kleinigheid zouden kunnen geven. Bedenk dat vele kleinen één grote maken’.

Uit de jaarvergadering van 3 mei 1965

Het ledenaantal is 116 en er gaan stemmen op om weer naar 4 speelavonden te gaan. Het interieur is verfraaid door 12 nieuwe tafeltjes. De heer Oppenkamp bemiddelde, de leerlingen van de LTS timmerden. 'Als we nu een duik nemen in het koffertje van onze Minister va Financiën' zoals C. Karels het omschrijft, blijkt de Horna een voordelig saldo van f800,- te hebben en een eigen bezit van ongeveer f30.000,-. Een jaarlijks terugkerend toernooi voor spelers die tot een vergeten groep behoren zal de naam Klaas Vis toernooi dragen. Bij de rondvraag merkt een van de leden op dat hij 'klachten heeft omtrent het arbiter en schrijverssysteem en vindt dat een aanfluiting wanneer iemand zonder berichtgeving wegblijft. Er zal naar verbetering worden gezocht zo beloofd het bestuur.

 

Uit de jaarvergadering van 28 maart 1966

'De heer Karels maakt bekend dat het Nationaal Jeugdkampioenschap extra libre in het Horna lokaal zal worden verspeeld, waaraan ons lid Piet Vet zal deelnemen'. 'Gelaakt wordt het minder sportieve gedrag van enkele leden tijdens wedstrijden. Het bestuur overweegt hiertegen reglementair op te treden'.

 

Uit de jaarvergadering van 1967

Het ledenaantal is licht gedaald. Ook bij de jeugd 'minder kwantiteid, maar de kwaliteit is prima'. Voorzitter doet een beroep op de leden hun contributie regelmatig te voldoen. Ook het voortbestaan van het clubblad baart zorgen, omdat enkele mensen veel werk moeten verzetten.

 

Uit de jaarvergadering van 1968

De club draait eigenlijk niet zoals het zou moeten. Eén van de knelpunten is de overbelasting van de secretaris-wedstrijdleider de heer C. Karels. Hij heeft het zo langzamerhand te druk in die dubbelfunctie bij de Horna. Hij hoopt het wedstrijdleiderschap aan een ander over te kunnen dragen.

 

Uit het N.H.D. 14-8-1976

Uit het N.H.D. van 14-8-1976

 

2-10-1976

 

N.H.D. 1977

 

horna_parkingang

Ingang parkschouwburg

 

29-1-1977

Uit het N.H.D. van 24-8-1977

 

Achterom 53. Het clubgebouw van de Horna. De twee dakkapellen met bijzondere zinken kappen zijn helaas bij het opknappen van de zolder in 1988 spoorloos verdwenen.

Eindelijk het Achterom

Er komt ten slotte een beetje vaart achter, als we in de notulen van 4 april 1977 lezen dat er op 10 mei een uitspraak zal zijn van b & w over de toestemming t.a.v. verbouw en financiering van het ‘Achterom’. Uiteindelijk komt alles dan toch goed, na b & w geeft ook de raad groen licht, het Achterom kan bewoond gemaakt worden door en voor de Horna. Als je al dat onderzoeken, oriënteren, kijken, vragen, vergaderen, wikken en wegen en uiteindelijk beslissen leest in de notulen dan staat buiten kijf dat een gigantische klus is geklaard.

 

De eerste vergadering op het Achterom

Uit het N.H.D van 23-06-1978

Uit het N.H.D van 23-06-1978

Na alle zorgen wordt dan een openingsvergadering gepland in het nieuwe gebouw op 18 mei 1978. Maar helaas, de kommer en kwel is met de eindstreep in het zicht, nog niet voorbij. Op 31 mei ’78 echter, twee vergaderingen later gloort er dan toch hoop want we lezen dat ‘de vloerbedekking naar alle waarschijnlijkheid maandag 5 en dinsdag 6 juni gelegd zal worden. De biljarts zullen 7 juni geplaatst worden. Op 8 juni zullen enkele dames met de schoonmaakwerkzaamheden beginnen. De ledenvergadering zal dan worden gehouden op 23 juni’. Op 20 juni is er dan de eerste bestuursvergadering in het nieuwe gebouw. De ledenvergadering op 23 juni gaat door, de eerste in het eigen gebouw na 45 jaar Horna!

Donkere bladzij

De, met een groot woord aangeduide ‘leegloop’ bij de Horna, als enkele ‘prominenten’ de club verlaten, levert meer op dan  een rimpeling, het stormt af en toe even, maar het tij is niet meer te keren. Een donkere bladzijde in het verenigingsverhaal: Rob Ooms, Theo Brandsne en Ben Leek behoren tot de vertrekkers.

Horna 10 of windkracht 10….

krant_080485Veel stampij wordt er gemaakt in de jaarvergadering van 1985. Het Horna 10-team uitkomend in de C4 wordt gediskwalificeerd door het gewest. In de notulen van die vergadering wordt een kant van de zaak belicht. De taal die gebezigd wordt liegt er niet om: manipulaties, het schandaal in de Westfriese Biljartbond etc. Het team zou een te laag gemiddelde hebben opgegeven. Ze winnen de wedstrijden. Worden voor de gewestelijke finale in punten verhoogd en winnen ook die finale. Hun tegenstander heeft de zwakste schakel uit haar team gegooid en een sterkere, niet eens een lid zijnde, speler in het team gezet. Nou dat geeft protesten, en felle! Maar geen probleem zo groot of er is wel een oplossing. En inderdaad komt er twee maanden na data een brief met excuses voor de gemaakte fouten jegens het Horna 10-team van de KNBB.

 

Horna bestaat 50 jaar
Uit het N.H.D. van 1983

Andermaal ruimtegebrek

Steeds nijpender wordt het ruimtegebrek. De agenda is overvol. Het aantal teamwedstrijden neemt toe en moet veelal op zaterdag worden verspeeld. Moet of kan er niet uitgeweken worden naar de clubavonden, die ook vol zitten? Bovendien vraagt het districtsbestuur de Horna meer voorwedstrijden te nemen. Kortom er moet gezocht worden naar een oplossing voor deze nijpende problemen. En natuurlijk komt er ook nu weer een oplossing. Er zit immers een bovenverdieping op het gebouw. Dus wordt er gepolst, gekeken, gemeten, gerekend, berekend en herrekend….. Uiteindelijk blijkt dat voor f40.000 plus diverse zelfwerkzaamheden die klus geklaard kon worden.

krant-1989_2

Uit het N.H.D. in 1989

 

Privatisering

Na diverse contacten en besprekingen wordt het groen licht gegeven door de gemeente, maar we zijn dan al in november ’87. Bij die contacten met de gemeente valt het woord privatisering steeds vaker. In een bestuursvergadering van januari ’88 wordt meegedeeld dat de bespreking van het dagelijks bestuur en de wethouder over deze zaak zeer positief is geweest. In februari geven b & w toestemming tot privatisering. De gemeente zal de eisen voor de overdracht op papier zetten.

 

horna_maart90

Maart 1990. Met een kraan worden de nieuwe biljarts aan de achterkant van het pand Achterom 53 naar binnen gehesen.

 

Jubileumboek bij het 65-jarig jubileum

Jubileumboek

Ter gelegenheid van het 65-jarig jubileum van de Horna op 22 februari 1998 werd een jubileumboek uitgegeven. In dit boekje werd de historie van de Horna belicht. Het bevatte vele oude foto’s, akekdotes en krantenartikelen. De oplage was 300 exemplaren.

Uit het N.H.D. van 17-2-1998

 

Uit het N.H.D. van 1998

 

N.H.D. 1993

 

Uit het N.H.D. van 7-12-2007

 

 

12 mei 1997 Wognum.
Uitreiking koninklijke onderscheiding Ridder in de orde van Oranje Nassau aan Kees Besseling.